Prinsjesdag 2026 en vastgoed: wat betekenen de plannen voor investeerders?

3 minuten

Op Prinsjesdag presenteerde het kabinet de plannen voor 2027. Voor vastgoedondernemers en investeerders zitten de belangrijkste veranderingen vooral in de kosten van aankoop, verduurzaming en woningbouw. Zo wil het kabinet de overdrachtsbelasting voor verhuurwoningen verlagen, komt er meer geld beschikbaar voor woningbouw en wordt investeren in verduurzaming fiscaal aantrekkelijker.

Dat zijn ontwikkelingen die interessant kunnen zijn voor vastgoedondernemers, ontwikkelaars en investeerders. Tegelijkertijd geldt dat een deel van de plannen nog door de Tweede en Eerste Kamer moet worden behandeld.

We zetten de belangrijkste ontwikkelingen op een rij.

1. Overdrachtsbelasting voor vastgoedinvesteerders daalt naar 7%

Koop je een woning waarin je niet zelf gaat wonen, bijvoorbeeld om deze te verhuren? Dan betaal je in 2026 8% overdrachtsbelasting. Het kabinet wil dit tarief vanaf 1 januari 2027 verlagen naar 7%.

Bij grotere aankopen telt één procentpunt al snel op. Bij een woning van €500.000 scheelt dit bijvoorbeeld €5.000 aan overdrachtsbelasting.

Met de verlaging wil het kabinet investeren in huurwoningen aantrekkelijker maken. Voor vastgoedondernemers betekent dit dat de kosten bij de aankoop van een woning lager kunnen uitvallen. Dat kan ook van invloed zijn op de financiering van bijvoorbeeld een aankoop, transformatie of uitbreiding van een vastgoedportefeuille.

Meer over de voorgestelde verlaging van de overdrachtsbelasting voor woningen waarin de koper niet zelf gaat wonen lees je bij de Rijksoverheid.

Het voorstel is nog niet definitief en moet eerst door de Tweede en Eerste Kamer worden behandeld.

2. Meer ruimte voor verduurzaming via de EIA

Ook verduurzaming krijgt aandacht in het Belastingplan. De Energie-investeringsaftrek, kortweg EIA, stijgt volgens het voorstel in 2027 van 40% naar 45,5%.

Met deze regeling kunnen ondernemers onder voorwaarden een deel van bepaalde investeringen in energiebesparing en duurzame energie extra aftrekken van hun fiscale winst.

Voor vastgoedondernemers kan de EIA bijvoorbeeld een rol spelen bij het verduurzamen van bestaand vastgoed. Denk aan bepaalde energiezuinige installaties, zonnepanelen, warmtepompen of andere maatregelen om de energieprestatie van een pand te verbeteren.

Meer informatie over de Energie-investeringsaftrek en de wijzigingen voor 2027 vind je bij de Rijksoverheid.

3. Meer aandacht voor woningbouw en middenhuur

Het kabinet blijft daarnaast inzetten op het bouwen van meer woningen. In totaal is €7 miljard beschikbaar om de bouw van betaalbare woningen te ondersteunen.

Een deel daarvan gaat naar gemeenten. Zo is €2,3 miljard gereserveerd voor de Realisatiestimulans, waarmee gemeenten financiële ondersteuning kunnen krijgen voor iedere betaalbare woning die wordt gerealiseerd.

Ook is er geld beschikbaar voor grootschalige woningbouwlocaties en de Woningbouwimpuls. Voor middenhuur wordt daarnaast €500 miljoen gereserveerd voor een objectsubsidie.

Samen met de lagere overdrachtsbelasting wil het kabinet hiermee ruimte creëren voor nieuwe huurwoningen en woningbouwprojecten.

Voor vastgoedondernemers blijft financiering daarbij een belangrijk onderdeel. Dat geldt zowel voor nieuwbouw als voor de aankoop, herfinanciering en transformatie van bestaand vastgoed.

De Rijksoverheid geeft een uitgebreider overzicht van de plannen en beschikbare middelen voor woningbouw.

4. Verandering in fiscale pensioenopbouw voor hogere inkomens

Een minder directe, maar toch relevante maatregel is dat de grens waarover fiscaal pensioen kan worden opgebouwd voorlopig niet meestijgt. In 2026 ligt die grens op €137.800. Volgens het voorstel blijft dit bedrag tussen 2027 en 2032 gelijk.

Voor sommige ondernemers, DGA’s en andere mensen met een hoger inkomen kan daardoor in de komende jaren een groter deel van het inkomen buiten de fiscaal gefaciliteerde pensioenopbouw vallen.

Dat betekent niet automatisch dat vastgoed of andere beleggingen een passend alternatief zijn. Wel kan het voor deze groep een reden zijn om opnieuw te kijken naar de manier waarop vermogen voor de langere termijn wordt opgebouwd en gespreid. Welke mogelijkheden passend zijn, hangt altijd af van de persoonlijke en fiscale situatie.

Wat kunnen deze plannen betekenen voor vastgoed?

Voor de vastgoedmarkt zitten de meest directe veranderingen in de lagere overdrachtsbelasting, de extra aandacht voor woningbouw en de ruimere Energie-investeringsaftrek.

  • Voor vastgoedondernemers kunnen deze maatregelen invloed hebben op de kosten en haalbaarheid van aankoop-, nieuwbouw-, transformatie- en verduurzamingsprojecten. Daarmee kunnen ze ook van invloed zijn op de financieringsbehoefte van een project.
  • Voor investeerders via SamenInGeld hebben deze maatregelen doorgaans geen direct fiscaal effect op de investering zelf. Wel kunnen wijzigingen in kosten, financieringsbehoefte en marktomstandigheden invloed hebben op de financieringsaanvragen die via vastgoedcrowdfunding worden aangeboden.

Bij het beoordelen van een project blijven dezelfde onderdelen belangrijk. Denk aan het vastgoed, de ondernemer, de looptijd, de aangeboden rente, de zekerheden en de risico’s die bij de investering horen.

De plannen voor 2027 worden de komende maanden verder behandeld. Daarmee is nog niet iedere maatregel definitief. Zodra de Tweede en Eerste Kamer de voorstellen hebben behandeld, ontstaat meer duidelijkheid over wat vanaf 1 januari 2027 daadwerkelijk verandert.

Nieuws artikelen

Blijf op de hoogte